Onweer

Het ontstaan van onweer heeft te maken met de sterk stijgende en dalende luchtstromingen in grote buienwolken en de elektrische geladenheid van aarde en atmosfeer. Door de sterke luchtstromingen kunnen in de wolk concentraties van elektrische ladingen ontstaan. In onweerswolken stromen sterk stijgende warme lucht en sterk dalende koude lucht vlak langs elkaar met snelheden van maximaal 100 kilometer per uur. Met die stromingen worden ook elektrisch geladen deeltjes meegevoerd, waardoor de wolk als een enorme condensator wordt opgeladen. Daardoor worden ontladingen mogelijk tussen de wolk en andere wolken of tussen de wolk en de aarde wat leidt tot bliksem en donder.

Rolwolk

Zware onweersbuien worden soms voorafgegaan door rolwolken. In de meteorologie wordt zulke bijzondere wolkenvormen ook wel arcus (boogwolk) of shelfcloud (boekenplankenwolk) genoemd. De angstaanjagende rolwolk ontstaat wanneer koudere lucht die met de onweersbui meekomt in aanraking komt met veel warmer lucht aan het aardoppervlak. In de lucht kan dan een wolkenrol ontstaan die er zeer onheilspellend uitziet.

Cumulonimbuswolken

Sterk verticaal ontwikkelde stapelwolken (Cumulus). De wolken zijn zo dik dat er neerslag uit valt (vandaar de Latijnse benaming nimbus). Bij dit soort (onweers)wolken komen sterke verticale windsnelheden voor waardoor er een enorme hoeveelheid neerslag kan vrijkomen. Voor het luchtverkeer kunnen de verticale winden gevaarlijk zijn, daarom wordt vaak om deze buien heen gevlogen. Cumulonimbuswolken zijn vaak alleenstaande wolken, die vanaf de grond soms al van ver te zien zijn. De bovenkant gaat in ijs over en is zichtbaar aan onscherpe, draderige vormen of witte vlakken die in cirruswolken doen denken. De Cumulonimbus komt zo hoog (soms hoger dan 15 kilometer) dat de wolk met de bovenkant tegen een grenslaag stoot waarboven de lucht warmer wordt. Boven die hoogte bolt de wolk niet verder omhoog, maar spreiden lucht en wolk zich uit in horizontale richting. Zo ontstaat een aambeeld of paddenstoelvormige wolk. De Cumulonimbus is een echte buienwolk en onweersbuien gaan altijd veroorzaakt met deze wolken.

 

Onstabiel

Wanneer het op enige hoogte in de atmosfeer veel kouder is dan aan het aardoppervlak, waardoor de temperatuurafname groter is dan gemiddeld (normaal is de afname ongeveer een graad per 100 meter stijging), wordt dat onstabiel genoemd. In onstabiele lucht komen sterke opwaartse luchtstromingen voor, ook wel thermiek genoemd. Zeker in tamelijk vochtige lucht kunnen daarin gemakkelijk stapelwolken (met bloemkoolachtige vormen) ontstaan die kunnen uitgroeien tot buien.

Noodweer

Heftige of extreme weersomstandigheden kunnen leiden tot grote overlast of gevaar. Het KNMI geeft dan een Weeralarm uit, een ernstige waarschuwing voor wat komen gaat. Voorbeelden van noodweer, waarvoor een Weeralarm wordt uitgegeven, zijn zware of zeer zware storm, orkaan, op grote schaal zeer zware windstoten van meer dan 100 km/uur, zwaar onweer, zware sneeuwval of een sneeuwstorm. Een Weeralarm wordt ook uitgeven wanneer ijzel op grote schaal aanleiding geeft tot gladheid.