Bliksem

Bliksem is de ontlading tussen een elektrisch geladen wolk en de aarde, tussen twee of meer wolken met tegengestelde lading onderling, of binnen één wolk. De temperatuur in een ontlading loopt op tot ongeveer 30.000 graden Celsius, de gemiddelde stroomsterkte is zo'n 60 kA en de spanning loopt in de miljoenen volts. Een bliksemschicht is gemiddeld 5 tot 6,5 kilometer lang en 2,5 cm in doorsnede, maar reikt soms over afstanden van meer dan 100 kilometer. In Nederland slaat de bliksem ongeveer 100.000 keer per jaar in. 

Een bliksemontlading bestaat uit 3 deelprocessen: de voorontlading (stepped leader), de hoofdontlading, en een eventuele vervolgontlading door hetzelfde ionisatiekanaal (return stroke). De voorontlading ontstaat vanaf de wolk en springt in stappen van 50-100 meter naar het aardoppervlak en maakt daarmee het ionisatiekanaal. Dit betekent dat op een hoogte van 50-100 m boven het aardoppervlak de bliksem "beslist" waar hij gaat inslaan binnen een gebied van zeg 50 m rond het uiteinde van de voorontlading. De daadwerkelijke inslag volgt het ionisatiekanaal geproduceerd door de voorontlading. Op een hoogte van 50-100 meter maakt een geleidende pen van 2 meter hoogte weinig indruk en zal dus een zeer geringe aantrekkende werking hebben.

Een bolbliksem kan optreden bij blikseminslag. Over het precieze ontstaan daarvan zijn verschillende theorieën in omloop. Een bolbliksem kan zowel als een nachtkaars uitgaan als eindigen in een explosie en doet zich alleen voor bij onweer, vooral als het onweer zwaar is. Als dichtbij de bliksem inslaat blijft soms seconden lang een helder oplichtend object zichtbaar. Bolbliksems kunnen ook binnenshuis doordringen en schade veroorzaken.